Drie maten bepalen of het werkt
Eetkamerstoelen worden vrijwel altijd gekozen op uiterlijk en pas daarna gepast in de ruimte. Dat is de omgekeerde volgorde. Er zijn drie maten die vooraf bekend horen te zijn, en als die niet kloppen helpt geen enkel model.
De eerste is de vrije ruimte achter de stoel. Onder de tachtig centimeter wordt aanschuiven een kwestie van de stoel optillen en verplaatsen. Boven de honderd centimeter loopt iedereen er comfortabel langs.
De tweede is de zithoogte in verhouding tot het tafelblad. Een verschil van dertig centimeter tussen zitting en onderkant tafelblad is de gangbare norm. Bij een dik massief blad valt dat verschil kleiner uit dan verwacht, en dan zitten de bovenbenen klem.
De derde is de breedte per stoel. Reken op zestig centimeter zonder armleuning en tachtig met. Bij een tafel van twee meter passen dus drie stoelen met armleuning per lange zijde in plaats van vier zonder.
Armleuning: comfort tegen ruimte
Een armleuning maakt langer aan tafel zitten prettiger en geeft de tafel een rustiger beeld. Het kost breedte, en bij een tafel met een schort of een dik blad kan de leuning er bovendien niet onder.
Een tussenoplossing die vaak wordt vergeten: stoelen met armleuning aan de kopse kanten en zonder aan de lange zijden. Dat leest als een bewuste indeling in plaats van een compromis, en het scheelt in totaal twee stoelbreedtes.
Stof, leer of kunstleer
Stof is het prettigst om op te zitten en het minst gevoelig voor temperatuur. Het is wel de variant waar vlekken in trekken, dus in een huishouden met kleine kinderen is een afneembare hoes of een behandelde stof geen luxe.
Leer gaat het langst mee en wordt mooier met de jaren, maar is in de winter koud en vraagt af en toe onderhoud. Kunstleer is onderhoudsarm en vlekbestendig, en de kwaliteitsverschillen zijn daar groter dan bij de andere twee: goedkoop kunstleer gaat na een paar jaar barsten bij de naden.
Kijk bij stof naar het aantal schuurtoeren, de zogeheten Martindale-waarde. Voor thuisgebruik aan een eettafel is vijftienduizend een redelijke ondergrens. Een overzicht van de uitvoeringen in stof staat op vansoestliving.nl.
Onderstel en vloer
Het onderstel bepaalt hoe de stoel over de vloer gaat. Vier poten geven een rustig beeld en zijn onderhoudsvrij; een kruispoot of sledepoot geeft meer beenruimte maar vraagt om viltjes die passen bij de vloer.
Op een houten of gietvloer zijn viltglijders de norm en horen ze twee keer per jaar nagelopen te worden, want zodra er zand in gaat zitten werken ze als schuurpapier. Op tapijt is een sledepoot juist prettiger, omdat die niet inzakt.
Bestel tot slot altijd eerst een enkele stoel voordat je er zes koopt. Zithoogte en zitdiepte zijn per persoon verschillend en op een foto niet te beoordelen. Verschillende modellen naast elkaar staan bij Van Soest Living.

